Families

A.Brest

A.Cohen

H.Cohen / J.Wolff

S.Cohen / L.de Vries

D.en M.Drukker / J.de Hond

C.H.van Es

B.en S.van Esso / H.Roos

J.van Esso / J.Salomons

M.van Esso

B.Frank

H.Frank / P.Frank

J.Frank

R.Frankforter

B.van Gelder

R.Godfried

H.Goldsteen

M.Goldsteen

M., S., B. en S. Goldsteen

M.de Horst

S.Kan / J.Kan

S.Kats

N.en R.Keizer

J.van Kleef

B.Kroon

R.van Leer

S.de Leeuw en W.Kel

B.Levie

B.Levie

J.Levie

L.Levie

M.Levie

M.Lobstein

S.Mendels

C.Mesritz / R.Nathans

H. en S.Mesritz

M. en I.Pais / H.Polak

M.Polak

E. en J.van de Rhoer

J.van de Rhoer

J.van de Rhoer

L.van de Rhoer

M.van de Rhoer

P.van de Rhoer

S.van de Rhoer

M.A.Roos

S.Roos

J.Rozendal

J.Rozendal

I.Sanders

J.Schaap

S.van der Sluis

B.Stern

I.Stern

A.J.Stibbe

J.en B.de Vries / A.Klein

A.Weinberg

R.Wijl

L.J.Wilda

W.de Wilde

A.Wolf

I.Wolf

D.Wolff

D.Wolff / W.Russ

E.Wolff

J.Wolff

M. en J.Wolff

A.Zaligman

B.Zaligman

J.en M.Zaligman / I.Frank

J.Zaligman

P.Zaligman

S.Zaligman

S. en E.van Zuiden

P.Zwarts

A.Zwiers-Rozendal

Fam.van de Rhoer

Pension Molenstraat

Duits-joodse vluchtelingen

Salomo Mendels, Evalina Mendels-Haas, Benjamin en Esther

In de jaren dertig vestigde Salomo Mendels zich in Meppel. Mendels was in 1880 in Wolvega geboren en had in die plaats een grote exportslagerij:

In de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw waren er in Wolvega drie goedlopende exportslachterijen die hun bestaan vooral te danken hadden aan het slachten van varkens, speciaal voor de export. De geslachte beesten werden verpakt in kratten en gingen grotendeels naar Engeland, waardoor ze de geschiedenis in gingen als de Londense varkentjes. Één van die drie slachterijen was eigendom van de heren Mendels en Slager en gevestigd in een pand dat iets ten noorden van het spoor lag. Toen na verloop van jaren dit gebouw te klein werd nam men de slachterij van de familie Leser over, die juist ten zuiden van het spoor stond. De ene eigenaar van de firma – de familie Slager – woonde in Steenwijk en de andere eigenaren – de twee heren Mendels – in Wolvega en Meppel. Emanuel Mendels woonde aan de Helomalaan in Wolvega en was getrouwd met Elsje Davidson, in 1884 in Lemsterland geboren. Ze hadden zelf geen kinderen, maar wel een pleegzoon in huis; Abraham Delmonte. De moeder van Abraham was familie van Mendels. Deze jongeman was als boekhouder aan het bedrijf verbonden.

Salomo trouwde met de in 1878 in Almelo geboren Evelina Haas. Het echtpaar kreeg vier kinderen: Mina (1912), Rebekka (1913), Esther (1915) en Benjamin (1916). Waarschijnlijk was Bennie gek op bessen, want als de tijd daar rijp voor was kroop hij onder het hek door om zich bij de buren te goed te doen aan de vruchtjes die in grote hoeveelheden aan de bessenstruiken zaten.

De familie Mendels. Vader, moeder en de kinderen Mina, Rebekka, Esther en Benjamin.

De familie kwam in Meppel wonen vanwege het betere ‘joodse klimaat’ (er woonden veel meer joodse mensen) ten opzichte van dat in hun vorige woonplaats Heerenveen. De heer en mevrouw Mendels waren praktiserende joden en zochten voor zichzelf en hun vier kinderen een geschikte omgeving. Meppel was ongeveer net zover verwijderd van Wolvega als Heerenveen, dus de afstand was geen probleem.
In Meppel kwamen ze eerst in de Emmastraat te wonen en later aan de Stationsweg tegenover het station (op huisnummer 49). Dat was voor vader (en later zoon Benjamin) handig, want dan konden ze zo in de trein naar Wolvega stappen om naar de zaak te gaan.
De heer Mendels nam vrij gauw een belangrijke plaats in het joodse leven in Meppel in. Hij werd de opvolger van Salomo van der Sluis in het bestuur van Gemilath Gassadim.
Mina, de oudste van de kinderen, maakte in Meppel haar vierjarige MULO af en ging vervolgens naar de Handelsavondschool. Daarna kreeg ze een baan bij de firma Mesritz aan het Prinsenplein. Ze werkte op het kantoor van deze manufacturenhandel. Nadat ze met een joodse jongen uit Zwolle (Keizer) was getrouwd, vestigde ze zich in 1935 in Utrecht aan de Vischmarkt. Het huwelijk werd een van de weinige echte joodse bruiloften in Tivoli aan de Stationsweg in Meppel. Maar dat ging niet zomaar: er moest een soort baldakijn worden gebouwd, waar de bruid onderdoor moest lopen.
Rebekka vertrok in 1941 naar Amsterdam, zodat vanaf dat moment alleen Benjamin en Esther nog thuis woonden. Benjamin werkte bij zijn vader in de zaak. Van beiden staat als beroep ‘exportslager’ vermeld.

Het huwelijk van Mina Mendels met Simon Keizer in 1936 werd in Meppel voltrokken.

Salomo Mendels werd in juli 1942 tewerkgesteld in Orvelte en op 17 augustus zou zoon Benjamin naar het werkkamp in Linde vervoerd worden. Hij ontbrak die dag echter op het appèl, toen de DABO-bus richting Linde reed. Hij was 'm inmiddels gesmeerd. Dat was het begin van de onderduik van de gehele familie Mendels, die hen door de Tweede Wereldoorlog zou voeren. Het laatste wat de familie in Meppel deed was een gedeelte van de inboedel van hun huis aan de Stationsweg in veiligheid brengen. Toen het bevel van de burgemeester kwam dat de woning opgeleverd moest worden voor soldaten van de Weermacht, nam mevrouw Mendels contact op met een bevriende aannemer uit de Emmastraat. Deze haalde de meest kostbare stukken uit de woning en bewaarde die gedurende de rest van de oorlog.

Salomo en Evalina Mendels na de Tweede Wereldoorlog
bij het huwelijk van hun zoon Benjamin.

Na de oorlog kwamen Salomo en Evaline Mendels terug in hun huis aan de Stationsweg in Meppel. Ze probeerden de draad weer op te pakken. Salomo begon opnieuw als exporteur van vers geslacht varkensvlees, schapenvlees, nuchter kalfsvlees en rundvlees, in Wolvega. Deze zaak werd medio 1950 opgeheven.
Ook Meppel was veranderd, de joden waren bijna allemaal verdwenen en twee van hun drie kinderen woonden elders. Toen Salomo dan ook in 1950 zijn werkzaamheden in Wolvega staakte, was het niet verwondelijk dat ze Meppel verlieten en naar Utrecht verhuisden. Ze waren inmiddels de vijfenzestig ruimschoots gepasseerd en betrokken een gedeelte van het huis dat dochter Mina en haar man in de wijk Oog en Al in Utrecht hadden laten bouwen.

Benjamin Mendels trouwde na de oorlog met Nanny van der Sluis. Ze woonden met hun kinderen nog een tijdlang in Meppel.

Benjamin trouwde op 7 januari 1947 in Staphorst met Nanny van der Sluis. Het echtpaar ging eerst in de Cornelis Houtmanstraat 14 en daarna in de Catharinastraat 2 wonen. Ze kregen drie kinderen: Hans Berthold (Hans), Bertho Menno (Bertho) en Hetty Renée Betsy Evelynn (Hetty). Deze kinderen werden allen in Meppel geboren. Op 28 mei 1962 vertrok de hele familie naar Apeldoorn. Bertho Mendels overleed op 30 januari 1988 door een ongeluk. In datzelfde jaar overleed op 1 september zijn vader Benjamin. Nanny Mendels-van der Sluis overleed op 1 mei 2004 in Apeldoorn, maar werd op de joodse begraafplaats in Meppel begraven: in de nabijheid van haar moeder Betje Roos. Moeder en dochter zijn samen met Hartog Stoppelman de enige mensen die na de oorlog op de joodse begraafplaats in Meppel begraven zijn. Dat zegt genoeg over het ‘joodse leven’ in die stad!

Na de oorlog woonden Benjamin en Nanny Mendels met
hun kinderen Hans, Bertho en Hetty in de Catharinastraat.


Stationsweg 49.


Vorige